de stille dimensie (afgelopen)

09/10/15 – 28/02/16

Ook dit jaar organiseert de Sint-Lukasgalerie een groepstentoonstelling in de Bibliotheek Rechtsgeleerdheid te Leuven. De vernissage vindt plaats op 8 oktober vanaf 17u00. De tentoonstelling loopt van 09.10.2015 tot 28.02.2016. Onderaan deze pagina kunt u een tekst van Filip Luyckx lezen omtrent de stilte en de tentoonstelling de stille dimensie.

Deelnemende Kunstenaars

Peter Beyls, Rob Buelens, Jeroen Boussier, Veronica Brovall, Joachim Devillé, Joëlle Dubois, Gilbert Fastenaekens, Nathalie Guilmot, Gauthier Hubert, Gudny Rosa Ingimarsdottir, Diana Tamane, Lore Vanelslande, Fik Van Gestel, Anne-Mie Van Kerckhoven en Katrien Vermeire.

Bibliotheek van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, Tiensestraat 41, 3000 Leuven

ma – do: 9u00 – 23u00
vrij: 9u00 – 21u00
za: 10u00 – 18u00

Voor beeldmateriaal van de tentoonstelling klik hier.

de stille dimensie

Iedereen weet wat stilte is, zodat we er meestal niet verder bij stil staan. Toch blijkt de definitie van stilte evenzeer aan de taal te ontsnappen als de stilte zelf. Eenvoudig gezegd is stilte de afwezigheid van geluid, maar wat of wie neemt dat geluid waar? Geluid is wel degelijk aanwezig zonder toehoorders, want de geluidsdruk kan onder de gehoordrempel liggen. “ Geluidsdruk is een snelle lokale drukvariatie in lucht of een ander medium rondom de heersende statische druk. Een lokale geluidsdruk wordt veroorzaakt door een lopende of staande geluidsgolf” (wikipedia, nl). De kosmos met haar fysisch-wiskundige structuur bestaat buiten de mens om. Geluid maakt daar deel van uit. Meetapparatuur kan geluid en stilte registreren buiten de menselijke ervaring of analyse. Dieren en objecten reageren op geluidsgolven, die een directe fysieke impact hebben op hun ontvangers. Veel geluid valt niet meteen met de zintuigen waar te nemen. Astronomen stuiten op de alomtegenwoordige kosmische ruis, dat zijn types ongedefinieerde radiogolven die hun oorsprong vinden buiten de atmosfeer of zelfs buiten de Melkweg.

Absolute stilte bestaat dus niet, maar een absoluut constant geluid evenmin. Mensen kunnen wel in situaties worden gebracht die zulke indrukken nalaten. De ervaring van geluid beïnvloedt in grotere of mindere mate onze innerlijke stilte. Met dat begrip komen we bij de subjectieve ervaring van stilte terecht. Meestal blijft de fysieke geluidsimpact op ons beperkt, terwijl gedachten en gevoelens er wel sterk door worden bepaald. Innerlijke stilte drukt de afwezigheid uit van heftige gemoedsbewegingen en komt dus overeen met innerlijke rust. Een objectieve graadmeter hiervoor ontbreekt, omdat innerlijke stilte onmeetbaar is. Uitwendige geluiden kunnen evengoed de innerlijke stilte bevorderen als verstoren.   In bepaalde omstandigheden wekt stilte zelfs onrust op : gebrek aan positief nieuws, gevoelens van weemoed en verlatenheid. Tal van factoren maken ons al of niet prikkelbaar voor geluid : onze fysieke toestand, werkagenda en voorgeschiedenis. Hevige onvoorspelbare geluiden ontstemmen mensen het meest. Als ze al geen angst oproepen, verstoren ze onze bezigheden. Hinderlijk geluid noemen we lawaai, maar bij terugkerend lawaai treedt er gewenning op. Stilte en lawaai verrijken elkaar als pool en tegenpool. Afwisseling van beide is een natuurlijk gegeven. Misschien mankeren we heden ten dage nog meer het bewustzijn van stilte dan overwegend stille zones. Zelfs in Europa vallen de grootste oppervlaktes en de grootste tijdsblokken als (relatief) stil te omschrijven. Denken we maar aan de uitgestrekte landbouwgebieden, verlaten panden, de nacht… Zulke plekken en tijdsmomenten liggen binnen ons bereik, maar onze levenswijze zorgt ervoor dat we allemaal samen gedrukt zitten op kleine oppervlakten. We verliezen het bewustzijn van stilte en wat de waarde ervan zou kunnen zijn. Angst voor uitwendige stilte drukt ongemak uit bij de confrontatie met onszelf, de wereld en het universum. Het effect van de uitwendige stilte op onze innerlijke (on)rust is in laatste instantie een persoonlijke aangelegenheid.

De definitie van stilte mist in de regel chirurgische precisie. Bij het verder doordenken van het fenomeen stuiten we op telkens bijkomende relativeringen. Neem nu de foutieve associatie dat stilte noodzakelijk met afzondering gepaard gaat. Specifieke gemeenschappen kunnen stilte hoog in het vaandel voeren, terwijl geïsoleerde figuren worstelen met lawaaioverlast. Al snel blijkt dat wie poogt de stilte te omschrijven de ontologische vragen omzeilt en snel overstapt op de concrete toepassingen. We hebben meer ervaringskennis over de stilte dan theoretische. Het concept stilte overstijgt het begripsvermogen. Elk verder doordenken erover vermenigvuldigt de vragen en compliceert de antwoorden. Vergelijk het met andere onopgeloste definities van de wetenschap : wat is leven, bewustzijn, oorsprong en finaliteit van het universum, de ontologie van de wiskunde. Stilte louter negatief omschrijven als afwezigheid van geluid negeert haar ontologie, want stilte is minstens even fundamenteel aanwezig in het universum als geluid. Zonder materie en energie is het stil, maar waar die wel aanwezig is domineert de stilte evenzeer. Hoorbaar geluid is de uitzondering, stilte het fundament. Vandaar dat de ervaring van stilte ons voert naar het niets en het oneindige. Het actieve leven steekt vol geluid, de stilte brengt ons dichter bij de zijnservaring.

Stilte appelleert aan de intuïtie, de innerlijke rust, het speculatieve denken. Subjectieve componenten vermengen zich met filosofische vraagstellingen. Zulk terrein is een kolfje naar de hand van kunstenaars. Ondanks het feit dat het begrip stilte overwegend naar de immateriële beleving verwijst, inspireert ze een beeldcultuur met duizend gezichten. Suggestieve kunstwerken bereiken een grotere consensus dan woorden, waaraan de stilte telkens ontglipt. Een groot deel van onze cultuur stoelt op gedeelde innerlijke ervaringen. Concrete beelden bezitten een waarneembare visuele structuur. In de artistieke vertaling van onuitspreekbare ervaringen ontstaat er een collectieve symboliek.

In het dagelijkse leven is er relatief weinig aandacht voor de kwaliteit van de stilte, nochtans hangen  veel menselijke activiteiten daarmee samen. Neem nu een bibliotheek, waar in een collectieve omgeving wordt gestudeerd. Iedereen die wil nadenken, lezen of schrijven kent de waarde van stilte. Op die manier kunnen we onze geest volledig concentreren op de buitenwereld. Een hele resem onderwerpen vereist dat we er ons mentaal helemaal in onderdompelen : theorieën, grote beslissingen, kunstwerken. Daarnaast laat de stilte toe onze innerlijke wereld te ontdekken. Om te weten wie we zijn, wat we verlangen en waar we naartoe willen moeten we de diepten van onszelf verkennen. Hoe verloopt het leven buiten ons om in andere tijden en plaatsen en waar passen we in dat grote schema? Waar willen we met onze persoonlijke evolutie uitkomen? Dit soort kennis impliceert sterke momenten van innerlijke stilte.

De kunstwerken uit de tentoonstelling fungeren als stapstenen naar ‘de stille dimensie’. Met haar analoge foto van de zee voert Katrien Vermeire ons naar de kern van het thema. Een compleet stille zee ervaren we meestal niet omdat we getijdengolven horen op het strand, scheepsgolven op een boot, aangevuld met windgolven en deining. Omdat de achtergrondruis doorgaans constant blijft en de visuele leegte overheerst associëren mensen de zee met zijnsstilte. De romantitel “Le Silence de la Mer” (1942) van Vercors drukt volkomen die universele ervaring uit. Elke natuurervaring maakt onze geest tegelijk leeg en vol – leeg van beslommeringen, vol van zijnservaring. Intense beschouwing van bomen en planten produceert een analoog effect als de onderdompeling in ongerepte landschappen. In zijn schilderijen maakt Fik Van Gestel de structuur van takken en boomstammen tastbaar en abstract. De natuur steekt vol wiskundige structuren, van het landschap tot levende cellen. Lore Van Elslande maakt ons deelgenoot van de subtiele ordening die de natuurlijke wereld doorkruist van megastructuur tot in het kleinste onderdeel. Opvallend is de evenredige verspreiding van haar creatieve energie over de volledige tekening. Het ontwerp refereert aan textielpatronen, sacrale geometrie, esoterische symbolen en artificiële intelligentie. Of we de wiskundige structuren nu in de natuur aantreffen of zelf ontwerpen verandert niets aan hun fundamentele stilte. Ze vallen af te lezen vanuit het bestaan zelf. In de computerkunst levert de artificiële intelligentie at random originele tekeningen af. Peter Beyls, een pionier in de digitale kunst vanaf de jaren zeventig, schrijft softwareprogramma’s vanuit een artistiek oogpunt. Naast de ingebouwde beperkingen krijgt de artificiële intelligentie ruimte voor creativiteit. De plotter, het papier en het toeval in het werkproces beïnvloeden mede het eindresultaat. Merkwaardig is dat de digitale tekeningen blijk geven van artistiek experiment en een poëtisch gehalte. Dat roept vragen op over de verhouding tussen intelligentie in de natuur, bij de mens en bij computers. Nathalie Guilmot ziet de intelligente structuren in de kosmos en in onze geest als complementair. Hun oorsprong en wetmatigheden behoren tot dezelfde totaliteit. Tussen het onbewuste en het universum bestaan heel wat raakvlakken. Hun structuren bieden voldoende ruimte voor de creatieve fantasie, ze nodigen er ons toe uit. In de stilte komt de imaginaire dimensie tot haar volste creativiteit. Veronica Brovall vermengt onbewuste associaties met fragmenten uit de hedendaagse beeldcultuur. Haar collages bevatten een grote verscheidenheid van elementen die een visuele en mentale eenheid opleveren. Het basismateriaal bestaat uit alledaagse materialen en symbolen die ze fotokopieert en verknipt, met toevoeging van nieuwe beelden. Terwijl de surrealisten werkten vanuit gecultiveerde droomassociaties formuleert Veronica Brovall een antwoord op een postmoderne cultuur boordevol beeldmanipulaties en schijnvertoningen. Dat de versplinterde wereld ook de menselijke geest aantast valt af te lezen uit de ontluisterende portretten van Gauthier Hubert. De precisie van de uitvoering zet nog sterker de innerlijke ontreddering van de figuren in de verf. Hoewel de personages vertrekken vanuit een bestaand individu of een kunsthistorisch model leggen ze in de eerste plaats een vertroebelde geest bloot, de tegenpool van innerlijke rust. Ons terugtrekken in intieme stilte blijkt alsmaar sterker een illusie. We worden beïnvloed, gearchiveerd en bespioneerd. Vaak werken gewone mensen de afbouw van hun intimiteit mede in de hand, bijvoorbeeld door onzorgvuldig gebruik van sociale media.   Joëlle Dubois speelt in op de aantrekkelijke oppervlakkigheid van onkritische consumptie. In zulk geval worden we geleefd in plaats dat we onze verantwoordelijkheid opnemen.

Een sluier van stilte hangt over de ontelbare generaties die ons voorafgingen. Bij gebrek aan geschreven bronnen weten we weinig over de meeste mensen die ooit leefden. Alles wat verdwijnt ontsnapt grotendeels aan onze kennis. Toch kunnen we het verleden nooit wegcijferen, omdat het op duizend-en-één manieren het heden definieert. Alleen al de vraag naar de oorsprong bepaalt wie we zijn en niet zijn. Rob Buelens bedenkt miniatuurmodellen van imaginaire monumenten. Zijn sculpturen zijn momentopnames van de opbouw. Pietepeuterige figuurtjes dragen hun steentje bij tot de bakens van de wereldarcheologie. Niet minder boeiend is de herontdekking van verloren gewaande relicten, op de rand van utopische archeologie. Joachim Devillé pakt uit met een vondst die verband houdt met de sculptuur van Themis in de inkomhal van de rechtsfaculteit. De godin overleeft alle pogingen om de drang naar gerechtigheid te vernietigen als ze terug opduikt in een hedendaagse bouwplaats.

Het gevoel van stilte wordt aangescherpt door de afwezigheid van levende mensen rondom ons. In die afwezigheid ontstaat er in onze geest ruimte voor de aanwezigheid van niet-fysieke entiteiten:   voorouders, goden, historische personages, theorieën en systemen.   Of die nu al of niet imaginair zijn doet niets af aan de beleving zelf, de imaginaire dimensie vormt een drijvende kracht in de menselijke evolutie. Verlaten plekken evoceren vaak sterker het leven dat zich daar afspeelt dan wanneer er volle activiteit heerst. De intense ervaring van de nacht biedt ons een vollediger kijk op de werkelijkheid, dichter bij de kosmos. Tevens associëren we de nachtzijde van het leven met de droomwereld en het onbewuste.   In zijn reeks ‘Nocturne’ verkent Gilbert Fastenaekens de poëzie van het stedelijke weefsel met haar sporen van verval, architectonische vormentaal en licht-donker contrasten. De heersende duisternis abstraheert een specifieke plek tot een tijdeloos beeld met een universele betekenis. Jeroen Boussier eigent zich fragmenten toe uit het nachtelijke landschap alsof hij er nieuwe plekken mee maakt. De leegte van een kruispunt, een bosrand of een weide stralen af op onze innerlijke rust.

De buitenwereld bezit geen monopolie op stilte. Sinds mensenheugenis associëren we kerken, bibliotheken en kunstenaarsateliers als plekken waar we de concrete tijdsbeleving omruilen voor een gevoel van het oneindige. De stilte van interieurs nodigt uit tot intense ervaringen. Het volledig opgaan in manuele of geestelijke bezigheden volgens een vast ritme zorgt ervoor dat we de abstracte tijd als het ware voelen voorbijglijden. In haar tekeningen en sculpturen maakt Gudny Rosa Ingimarsdottir de tijdsbeleving tijdens het werkproces zichtbaar. Voor ‘de stille dimensie’ integreert ze plastisch werk op enkele leestafels van de bibliotheek. Ze nodigt de bezoeker ertoe uit zelf elementen te manipuleren. Het atelier van de kunstenares wordt op die manier gedeeltelijk overgeplant naar de activiteit van de lezer. Iedere mens voelt wel ergens een emotionele binding met een bepaald interieur. Dat kunnen zelfs kamers zijn uit ons verleden of die louter in de verbeelding bestaan. De foto van Diana Tamane is tegelijk eenvoudig en complex : een banale muur met een decoratief behang. Vervolgens zien we de werking van de tand des tijds op het papier en een beeld in het beeld dat aanzet tot wegdromen. De lijst getuigt van dezelfde sentimentele smaak, waardoor het werk zich perfect kan integreren in een vergelijkbare omgeving. Anne-Mie Van Kerckhoven greep een verblijf in Berlijn aan om zich mentaal af te stemmen op de geest van klassieke filosofen. Interieurs vertegenwoordigen zowel de nabijheid van het dagelijkse leven als de geest van een cultuurhistorische periode. In de stilte van het atelier streeft de kunstenares naar mentale eenwording met energieën die buiten ons directe waarnemingsveld vallen. Immateriële wezens en netwerken doorkruisen de innerlijke belevingsruimte. Het licht van de box fungeert als immateriële drager van de waarneming. Het hele belevingsexperiment raakt een esoterische dimensie aan.

De beleving van de stilte en alle waarden ermee verbonden staan onder druk in de westerse samenleving. Een bewuste levenswijze en stiltezones kunnen een en ander compenseren. De optie blijft open om ons terug te trekken in een kluizenaarsbestaan, zodat we de perfecte innerlijke stilte bereiken. Vaak is zulke tijdelijke onderdompeling noodzakelijk om bepaalde doelstellingen te bereiken. Denken we maar aan wetenschap en kunst. Een alternatieve optie bestaat erin om tot een verhoogd bewustzijn te komen van de wereldproblemen en het voortouw te nemen in de heling van de kankerplekken. De ware kunst van de stilte zou er dan in bestaan verantwoordelijkheid op te nemen voor de samenleving en tegelijk de innerlijke rust te hanteren als inspiratiebron. De vraag is waar er meer van zijn, kluizenaars of actieve helers. Het antwoord ligt ergens in het midden.

– Filip Luyckx, 2015.

 

Advertenties